In ons vorige blog hebben we aandacht besteed aan de uitleg van het begrip “zwaar ongeval” zoals bedoeld in artikel 5 lid 1 besluit risico’s zware ongevallen (“Brzo”) in de jurisprudentie. In deze blog is het de beurt aan “het nemen van alle maatregelen” in de zin van hetzelfde artikel 5 lid 1 Brzo. Artikel 5 Brzo legt aan Brzo-inrichtingen de verplichting op om – kort gezegd – alle maatregelen te nemen om een zwaar ongeval te voorkomen.

Het nemen van alle maatregelen lijkt te impliceren dat de exploitant van een Brzo-inrichting werkelijk ieder risico moet (kunnen) voorzien, codificeren en vervolgens beheersen. Maar ook in een Brzo-inrichting kunnen totaal onvoorziene omstandigheden optreden waarop niet of nauwelijks door de exploitant van de inrichting kan worden geanticipeerd. Redelijkerwijs zou er derhalve een begrenzing van het begrip “alle maatregelen” moeten bestaan. Kijkende naar de jurisprudentie valt dit te bezien.

Rechtspraak

Op het concrete punt het nemen van alle maatregelen is niet veel rechtspraak voorhanden. De rechtbank Oost-Brabant overwoog recent ten aanzien van het nemen van alle maatregelen (6 november 2018):

“Uit hoofde van het Brzo heeft verdachte een bijzondere zorgplicht. Er wordt gewerkt met gevaarlijke stoffen. Onder die omstandigheden mag van verdachte worden verwacht dat dat zij er alles aan doet om een onveilige dan wel gevaarlijke situatie te voorkomen.”

Klare taal, maar een invulling van dit ‘alles eraan doen’ blijft achterwege. Dit terwijl juist deze invulling voor de toepassing van het artikel van groot belang is.

In 2014 overwoog dezelfde rechtbank Oost-Brabant:

“Verdachte is een bedrijf dat is aangemerkt als een Brzo-bedrijf. Gewerkt wordt met gevaarlijke en/of chemische stoffen. Onder die omstandigheden mag van verdachte verwacht worden dat zij er alles aan doet om een onveilige dan wel gevaarlijke situatie te voorkomen, immers voor verdachte gelden hoge veiligheidsnormen. Alleen al uit hoofde van het Brzo heeft verdachte een bijzondere zorgplicht.”

Verhoogde zorgplicht

Met het enkel aanhalen van de (verhoogde) zorgplicht en het gevaar wat van een Brzo-inrichting (in potentie) uitgaat, lijkt het erop dat simpelweg geconcludeerd kan worden dat Brzo-inrichting niet alle maatregelen heeft genomen wanneer het fout is gegaan. Immers, het incident of ongeval is niet voorkomen, zo lijkt de gedachte.

Conclusie

Het zou goed zijn als rechtspraak zich ontwikkelt over wat er nu onder het nemen van alle maatregelen moet worden verstaan. Immers, het kan niet zo zijn dat het (vrijwel) onmogelijke van Brzo-inrichtingen wordt gevergd om de simpele reden dat zij werken met gevaarlijke stoffen. Te treffen maatregelen zouden moeten zijn gericht op reële risico’s en moeten ook in verhouding (mogen) staan tot gevaar. Een verhoogde zorgplicht voor de Brzo-inrichting is op zijn plaats maar je tot het uiterste moeten beschermen tegen ieder onrealistisch risico is te veel gevraagd.